Sagen en Legenden van Leudal

De historie tot leven gewekt

In vroegere tijden, toen er nog geen televisie of andere vormen van vermaak waren, vertelden volksvertellers vooral tijdens lange winteravonden bij het knapperende haardvuur verhalen over heksen, kabouters, vuurmannen, bokkenrijders, weerwolven, spoken en duivels

’t Vlindermaedje van Roggel

In Roggel leefde ooit een jong meisje dat bekendstond om haar vrije, lichtvoetige aard. Ze trok als een ‘vlinder’ door het dorp, plukte bloemen en genoot van het leven. Een jongeman werd verliefd op haar en drong steeds harder aan op een antwoord, maar zij wilde zich niet laten binden.

De roofridders van Kasteel Horn

De sage vertelt hoe twee gewetenloze broers de plaatselijke bevolking en kooplieden beroofden van hun waardevolle spullen. Ook gebruikten zij hun macht om oneerlijke tol te heffen bij passerende schepen. Wat begon als legitieme tolheffing, ontaardt uiteindelijk in intimidatie, afpersing en soms zelfs geweld. De Drossaert, de beheerder van Kasteel Horn, namens de Graaf van Horne, was het gedrag van deze twee ‘roofridders’ zo beu, dat hij op een dag een list bedacht. Hij nodigde hen uit voor een avondmaal met groot feest…

’t Verzonken slot van Heyhuysen

Volgens een oude sage ligt er in het meer van landgoed De Bedelaar bij Haelen een ‘verzonken kasteel’. Het verhaal gaat dat in de Kerstnacht een arme bedelaar vroeg om onderdak bij de kasteelheer. De heer, bekend om zijn hardvochtigheid, joeg hem echter weg de kou in. De bedelaar stierf die nacht, en als goddelijke straf zonk het kasteel plotseling in de aarde waarna het door een meer werd omgeven. Tot op de dag van vandaag wordt gezegd dat men op Kerstnacht de klok van het verzonken kasteel kan horen luiden vanuit de diepte van het water.

De Sjmaed van Grathem

In Grathem sloeg de smid vroeger niet alleen hoefijzers onder de paardenvoeten, maar trok hij ook tanden. Dat gebeurde op de volgende bijzondere manier. Wanneer iemand met ondraaglijke kiespijn bij hem aanklopte, bond de smid een dun ijzerdraadje om de zieke kies. Het andere uiteinde maakte hij vast aan het wiel van zijn kar. Daarna legde hij een zware tang in het vuur, tot deze roodgloeiend was. Met de sissende tang in de hand liep hij langzaam in de richting van de mond van de patiënt. De angst voor de gloeiende tang was altijd groter dan de kiespijn en nog vóór de smid de mond had bereikt, deinsde het slachtoffer van schrik terug — en vloog de kies uit de mond.

’t Haakmannetje van Ell

In de beekjes en waterputten van Ell zwerft al eeuwen het verhaal van het Haakmannetje, de geheimzinnige figuur met zijn ijzeren haak. Wie na zonsondergang van het pad afdwaalt, hoort soms het onheilspellende ‘tik… tik… tik…’ van metaal op boomwortels. Was het slechts de wind? Of stond ‘Henske Paik’ op het punt om een verdwaalde ziel terug het duister in te trekken?

De duuvel en de deurwaarder van Neeritter

Wanneer een meedogenloze deurwaarder in het donkere Neeritter op een winteravond de Duvel zelf tegen het lijf loopt, wordt zijn hardheid keihard afgestraft. Een duistere waarschuwing: wie zonder genade leeft, ontmoet ooit zijn eigen oordeel.

Een serie van StinStin Film Production

In samenwerking met

Vergelijkbare berichten